Boerderij: Rechter: Chickfriend aansprakelijk voor fipronilschade

20-05-2020
De twee oprichters van bloedluisbestrijder Chickfriend wisten dat ze stallen schoonmaakten met het verboden middel fipronil. Ze zijn dan ook aansprakelijk voor de door pluimveebedrijven geleden schade. Dat bepaalde de rechtbank in Arnhem woensdag 20 mei.

Artikel is geüpdatet om 16.10 uur.

Bij de tientallen bedrijven die een civiele zaak startten tegen de onderneming werden de stallen schoongemaakt door ‘de jongens met hun wondermiddel’. De bloedluis verdween, maar hun middel bleek niet alleen te bestaan uit de door hen gemelde etherische oliën. In de eieren van de bedrijven werd kort erna een hoge concentratie van de schadelijke stof fipronil aangetroffen.

Tientallen miljoenen euro’s schade

Het leidde ertoe dat 123 bedrijven geblokkeerd werden en geen eieren mochten leveren totdat de concentratie van het middel was teruggebracht tot een voor consumenten veilige hoeveelheid. De schade voor de sector is in de tientallen miljoenen euro’s geschat. De pluimveebedrijven vonden een direct verband in de schoonmaakacties van Chickfriend, maar de twee eigenaren zagen dat bewijs niet. De rechtbank is het nu eens met de eisers in deze zaak.

Bewijs via Whatsapp

Het staat volgens de rechtbank vast dat Chickfriend sinds 2016 op grote schaal fipronil heeft gebruikt voor de bestrijding van bloedluis. Dat blijkt onder meer uit de grote hoeveelheden van het middel Dega-16 dat ze inkocht in de jaren dat de stallen van ongeveer 250 pluimveebedrijven daarmee werden gereinigd. In 2016 werd 1.080 en een jaar later zelfs 2.880 liter van dit middel ingeslagen via de Belg Patrick R. Hij mengde op hun vraag het middel Fiprocid – waarin fipronil zat – met etherische oliën. Ook werden op hun verzoek etiketten verwijderd.

Daarnaast blijkt uit Whatsapp-berichten tussen de twee dat ze vlak voor een inval bij hun kantoor in juli 2017 poogden bussen Dega-16 weg te sluizen. Een medewerker nam op hun verzoek snel jerrycans mee. Volgens de rechtbank hebben IJ. en Van de B. bewust gepoogd te maskeren dat het bestrijdingsmiddel onderdeel was van Dega-16.

Ik had hiervoor nog nooit van fipronil gehoord

Matthijs IJ., eigenaar van Chickfriend

‘Bestanddelen middel Dega-16 onbekend’

Mathijs IJ. En Martin van de B., de eigenaren van bloedluisbestrijder Chickfriend, verklaarden in deze procedure bij de rechtbank in Arnhem nooit geweten te hebben van de gevaren van hun middel. Ze spoten het middel Dega-16 in de stallen, maar wat daarvan de bestanddelen waren, wisten ze niet. Ze vertrouwden hun Belgische leverancier Patrick R. Wat er precies zat in het middel Dega-16 dat de twee in de stallen spoten, wisten ze niet. “Ik had hiervoor nog nooit van fipronil gehoord”, zei Mathijs IJ. op de zitting.

De Chickfriend-eigenaren vonden dat niet zij maar de Nederlandse overheid aansprakelijk is voor de schade bij de pluimveebedrijven. De NVWA blokkeerde de bedrijven nadat er te hoge concentraties fipronil in de eieren zat. En dat was weer een gevolg van het handelen van Chickfriend, aldus de rechtbank.

Hoogte te vergoeden schade volgt

De hoogte van de te vergoeden schade wordt in een aparte procedure bepaald. Tegen IJ. en B. loopt nog een strafrechtelijke procedure. Patrick R. staat in België terecht.

‘Er valt bij Chickfriend wel degelijk wat te halen’

De kans is klein dat de 118 pluimveehouders die de civiele zaak tegen Chickfriend wonnen, al hun schade vergoed krijgen. “Maar er valt wel degelijk iets te halen bij Chickfriend”, zegt hun raadsvrouw Anita Winter.

De rechtbank Gelderland stelt in haar vonnis ‘in niet mis te verstane woorden’ dat het Chickfriend was die de schade bij de pluimveehouders veroorzaakte, zegt Winter. Als gevolg van de fipronilcrisis gingen bedrijven wekenlang op slot en werden miljoenen eieren vernietigd. De te hoge doses van het bestrijdingsmiddel zaten in de eieren nadat de stalreinigers van Chickfriend op bezoek waren geweest.

Blijdschap overheerst bij pluimveehouders
Ze kent de verhalen dat er bij het bedrijf geen geld te halen is. “Een van de woningen van de eigenaren is vlak voor de crisis verkocht”, zegt Winter. Bovendien is het bedrijf verzekerd. “Maar natuurlijk kun je hiermee niet 118 pluimveehouders schadeloos stellen.” Toch overheerst de blijdschap, zegt de advocaat. Vooral omdat het vonnis zo duidelijk stelt dat het inderdaad Chickfriend was die deze ellende veroorzaakte.

De twee bestuurders van dit bedrijf hebben nooit enige verantwoordelijkheid erkend, stelt Winter. “Ze hebben nooit meer iets van zich laten horen. Dit vonnis is goed voor het gevoel van mijn cliënten.” De volgende stap is het optuigen van een zogeheten schadestaatprocedure. Daarin wordt onder toeziend oog van een rechter bepaald hoeveel de stalreiniger aan de getroffen bedrijven moet betalen. De pluimveehouders weten zelf ook niet exact de hoogte van de schade die ze hebben geleden.

Strafrechtelijk onderzoek loopt nog
Als Chickfriend in beroep gaat, kan dat die procedure vertragen. Naast de civiele zaak loopt er nog altijd een strafrechtelijk onderzoek tegen Mathijs IJ. En Martin van de B., de eigenaren van Chickfriend. Maar die procedure ligt op zijn gat, zegt advocaat Aart van Voorthuizen. Hij staat voor de strafrechter Van de B. bij. “Ik heb al maanden niets meer van het Openbaar Ministerie vernomen.” De rechtbank Overijssel bevestigt dat er voorlopig geen zitting gepland staat.

 

Gerelateerde tags:

 
 

Inloggen op de ledenportal