Nieuwe Oogst: Eiermarkt vindt weg omhoog, ondanks groeiende import18-09-2026
Eiermarkt vindt weg omhoog, ondanks groeiende importNa een zwakkere zomer zit er weer volop beweging in de eiermarkt. De vraag blijft sterk en het aanbod groeit nauwelijks mee. Import van buiten de Europese Unie (EU) en Oost-Europese uitbreiding zorgen tegelijkertijd voor onzekerheid voor de langere termijn. Volgens Wim Thomassen, internationaal trader bij de Unie van Pluimvee Producenten, is de stemming duidelijk verbeterd. ‘We zitten in een vriendelijke markt. Vooral bij Freiland-eieren voor de Duitse markt en biologische eieren is sprake van krapte’, zegt hij. Ook scharrel- en KAT-eieren lopen vlot. Voor Nederland is vooral Duitsland bepalend, omdat naar schatting ongeveer 40 procent van de Nederlandse eieren naar de oosterburen gaat. Juist daar groeit de consumptie hard. De onderliggende vraag wordt geholpen door de eiwittrend. Eieren hebben bij consumenten een veel positiever imago dan in het verleden en blijven relatief goedkoop ten opzichte van vlees en andere eiwitbronnen. Eric Hubers, voorzitter van de begeleidingscommissie van LTO/NOP en vicevoorzitter van de Europese pluimveewerkgroep van Copa-Cogeca, noemt de markt daarom nog altijd gezond. ‘We komen van een uitzonderlijk hoog niveau’, stelt Hubers. ‘Vanaf daar zijn de prijzen behoorlijk ver teruggevallen deze zomer, maar vroeger waren we blij geweest met dit soort prijzen. En inmiddels gaat het weer de goede kant op.’ Aanvoerkanalen van buiten de EU zijn er nu en gaan niet zomaar weg Dat herstel is ook zichtbaar in de prijsontwikkeling. De NOP-notering laat zien dat de markt na de zomerdip weer aantrok. Witte scharreleieren maat 62-63 stonden in week 37 op 12,06 euro per honderd stuks, 20 cent hoger dan een week eerder. Het laagste punt werd bereikt in week 31 met 11,06 euro, terwijl de prijs voor witte scharreleieren in week 14 nog 18,69 euro was. De huidige prijzen liggen op een lager niveau dan vorig jaar in dezelfde week, toen het om 14,98 euro ging. Volgens de meest recente cijfers van de Europese Commissie lag de gemiddelde Europese prijs voor klasse A-eieren voor pakstations in week 37 op 244,85 euro per 100 kilo. Dat is 1,5 procent hoger dan een week eerder en 4,6 procent hoger dan een maand eerder, maar nog altijd 6,2 procent lager dan vorig jaar. Een belangrijke verklaring voor de dip in de zomer lag volgens Thomassen bij de industrie. Na Pasen kochten verwerkers meer eieren van buiten de EU, omdat zij de prijzen hier te hoog vonden. Omdat veel noteringen sterk leunen op de industrienotering, zakte de markt verder weg dan die voor tafeleieren rechtvaardigde, vindt de handelaar. Nu verwerkers na de zomer weer volop actief zijn en richting de kerst voorraad nodig hebben, komt die vraag terug. De eierimport naar de EU is dit jaar fors gegroeid. In de eerste vijf maanden van 2026 zijn 120.496 ton eieren en eiproducten van buiten de EU geïmporteerd, tegen 63.159 ton in dezelfde periode van 2025. Dat is een stijging van 90,8 procent. Oekraïne bleef met 60.282 ton de grootste leverancier en exporteerde 26,8 procent meer eieren dan vorig jaar. De meest opvallende groei kwam uit Turkije: dat land ging van 991 ton naar 32.053 ton. Opvallend is dat de EU-uitvoer in dezelfde periode slechts 4,5 procent steeg, van 169.339 naar 177.011 ton. Risico voor basisprijsVoor de tafeleiermarkt in Nederland en Duitsland is die import niet een-op-een bepalend. Importeieren gaan vooral naar de industrie. Toch vormen de nieuwe aanvoerkanalen volgens Hubers een risico voor de basisprijs. ‘Die kanalen zijn er nu en gaan niet zomaar weer weg’, zegt hij. Als er meer product beschikbaar komt voor de industrie, kan dat uiteindelijk de hele markt raken. Aan de aanbodkant blijft de Noordwest-Europese markt kwetsbaar. In Nederland en Duitsland komt nauwelijks extra productie bij. In Duitsland worden wel stallen uitgebreid, maar dit gaat vaak om beperkte aantallen. In Oost-Europa, onder meer in de Baltische staten, Polen en Roemenië, groeit de leghennenstapel sterker. Die eieren komen niet vanzelf in het schap in Duitsland of Nederland. Deze eieren voldoen niet aan de eisen die in deze landen door retail en consument worden gesteld, met name op het gebied van dierenwelzijn. Ze kunnen via de industrie wel prijsdruk geven. Het is ook een stuk rustiger rondom vogelgriep. Er zijn wel nieuwe uitbraken van het virus geconstateerd in Frankrijk. Daarnaast zijn meldingen binnengekomen van Newcastle disease in Oost-Europa. Dat zorgt volgens Thomassen voor nieuwe onrust in de eiermarkt. De afgelopen jaren waren vogelgriepuitbraken een belangrijke oorzaak van de hoge eierprijzen. Afnemers reageren sindsdien sneller op signalen van krapte. Bekijk de actuele prijzen voor eieren op onze marktpagina Daarnaast blijven de voerkosten een kwetsbare factor. Voer bepaalt volgens Hubers 65 tot 70 procent van de kosten van leghennenhouders. En juist die kunnen oplopen bij onrust op de wereldmarkt. Spanningen rond Iran, de oorlog in Oekraïne, onzekerheid over de aanvoer via de Zwarte Zee, droogte in belangrijke teeltgebieden en de dreiging van El Niño maken graan- en eiwitgrondstoffen duurder. Extra kosten voor concepten als Beter Leven en Ohne Kükentöten worden volgens Hubers wel betaald, maar kunnen onder druk komen te staan als de voerrekening sterk stijgt. |
