Provincie Noord-Brabant moet uiterlijk 4 februari volgend jaar besluiten of zij de vergunningen van vijf Brabantse pluimveehouders wel of niet gaat intrekken. Dat oordeelt Raad van State deze week. Als Brabant die deadline niet haalt, moet de provincie een dwangsom betalen aan Mobilisation for the Environment (MOB) en vereniging Leefmilieu.
Raad van State heeft bepaald dat provincie Noord-Brabant een dwangsom per pluimveebedrijf van € 250 per dag moet betalen als de deadline van 4 februari niet wordt gehaald. Dit bedrag kan maximaal oplopen tot € 37.500 per bedrijf.
Boerenprotest in augustus
MOB en vereniging Leefmilieu vragen het Brabantse college sinds 2023 om de vergunningen van de vijf pluimveehouders in te trekken. In juli van dit jaar liet het college weten dit daadwerkelijk voornemens te zijn. Dat leidde op 14 augustus tot een spoeddebat in de Brabantse Staten en een boerenprotest voor het provinciehuis in Den Bosch. De ongewisse uitkomst van het debat had ook tot gevolg dat boerenorganisaties ZLTO en BAJK van de onderhandelingstafel met de provincie zijn weggelopen.
Provincie moet al dwangsom betalen
Provincie Noord-Brabant moet al een dwangsom van € 75.000 aan MOB en vereniging Leefmilieu betalen, omdat de deadline van 1 oktober niet gehaald is. Op die datum had de intrekkingsprocedure van de vergunningen van de vijf pluimveehouders van start moeten gaan. De provincie besloot die dwangsom voor lief te nemen.
Een woordvoerder van de provincie Noord-Brabant laat desgevraagd weten dat de provincie kennis heeft genomen van het besluit van Raad van State en dat de provincie eventuele vervolgstappen gaat bestuderen.
